© Jonathan Ramael

"Als de dood

de mens bereikt, is het goede

het enige dat overblijft"

- Pieter Doorlant

LOCATIE

Pieter Doorlantlaan 3

MATERIAAL

Arduin

BEKENDE ANTWERPENAAR 

Fatima Marzouki

Zelfstandig chefkok, auteur van kookboeken

Benieuwd? 

Lees de tekst van Fatima Marzouki

in het boek 'Citaat op Straat'.

De Pieter Doorlantlaan is een kleine zijlaan van de Melis Stokelaan

 

De laatmiddeleeuwse monnik Pieter Doorlant (1454-1507) heeft historici en taalkundigen al eeuwen lang tot heftige polemieken verleid. Zowel over zijn naam als over zijn geschriften zijn elkaar tegensprekende verhandelingen geschreven.

In de annalen komen we zijn naam tegen als Pieter van Doorland, Pieter Dorlandus van Diest, of Dorlandus van Diest of gewoon Petrus van Diest.  Doorlant woonde en werkte namelijk vlakbij Diest in het Kartuizerklooster te Zeelhem waar hij vicaris was. Betrof het hier allemaal dezelfde monnik? De meningen zijn verdeeld.

 

Vast staat dat de monnik in het Nederlands en het Latijn schreef.  Zijn werken zijn onder meer een aantal levensbeschrijvingen (van de heilige Anna en heilige Katerina) en een groot aantal traktaten over de hervorming van kloosters en van het zedelijk en godsdienstig leven.

 

Met hoeveel namen Doorlant zich ook omringde, zijn persoon is toch vooral verbonden aan het moraliserende rederijkerstoneel Elckerlyc (‘Iedereen’).  Hij zou daarvan de dichter zijn.  Literatuurwetenschappers bestoken elkaar al jaren met de vraag of dat inderdaad zo is. Ook woedt er een pennenstrijd over de vraag of het Engelse Everyman de oorspronkelijke versie is van Elckerlyc of dat  de Nederlandse tekst de basis vormde voor het gelijklopende verhaal in Engeland. Zelfs theologen mengden zich in het debat.

 

Er bestaan nog drie oude drukken van Den spieghel der salicheit van Elckerlyc, zoals de titel volledig luidt.  De oudste werd in 1496 gedrukt in Delft, twee latere zijn afkomstig uit Antwerpen (resp. uit 1501 en 1525).

 

Den spieghel der salicheit is in feite een lange aansporing om godvrezend te leven. Bij de aanvang hoort men een goddelijke stem: ‘Zeg Elckerlyc terstond dat hij een pelgrimstocht onderneemt die niemand ter wereld kan nalaten en dat hij me zonder uitstel rekenschap komt geven. Dat is mijn gebod.’

 

Het allegorisch toneel verhaalt dan hoe elke mens op zijn levensweg de dood als metgezel krijgt. Vrienden en familie vluchten weg als ze vernemen wat de eindbestemming is. Dan ontmoet Elckerlyc de deugd, de zelfkennis, de boetedoening, de schoonheid, de kracht en de wijsheid. Ten slotte vergezelt hem alleen nog de deugd (het goede) tot een engel zijn ziel naar de hemel voert.

Dit drama van de stervende eindigt al met al nog hoopvol.

- Geschreven door Hugo De Ridder

A+.jpg

Citaat op Straat

© 2018 ALO vzw en district Antwerpen

  • White Facebook Icon
  • White Instagram Icon